30-01-2010
Volkskrant
Ton Maas


SPANNEND MENU LEIDT TOT WELDADIG WRINGEND RITME

Antilliaanse en Surinaamse muzikanten storten zich met overgave in het avontuur.

Bij de Music World Series (MWS) draait alles om muzikale confrontaties die de deelnemende muzikanten prikkelen om nieuw terrein te betreden. Een ontmoeting tussen Surinaamse en Antilliaanse muzikanten lijkt vanuit Nederland bezien misschien niet erg avontuurlijk, maar dat bleek donderdagavond in het Rotterdamse World Music and Dance Centre een misvatting. Al vanaf de eerste inzet was de interactie tussen de vijf musici uitdagend en enerverend.
Het zijn niet de minsten die zanger en gitarist Steve Mariat bijeen heeft gebracht voor zijn project. Meesterdrummer Walther Muringen is net als hij uit Suriname afkomstig. Het Antilliaanse smaldeel bestaat uit de Arubaanse basgitarist Reno Steba en de Curaçaose pianist Randal Corsen. Steelpanvirtuoos Konkie Halmeyer kwam voor de tournee overgevlogen uit Willemstad.
De ingrediënten van het muzikale menu worden gesymboliseerd door Antilliaanse maïspap (funchi) en Surinaamse gedroogde vis (batjaw). Vooral de wisselwerking tussen de gesyncopeerde vierkwartsritmes uit Suriname – een erfenis van de vele militaire kapels met hun marsmuziek – en zwierige Antilliaanse walsjes leidde tot weldadig wringende polyritmiek. Die bood Corsens lenige pianospel en Halmeyers galmende pannenset alle gelegenheid om gracieus met elkaar te flirten. Zanger Mariat mengde zich soms met klaterende, woordloze scat in de rondedans. Hij betoonde zich een veelzijdig zanger en een meeslepend liedvertolker.
Het is een belevenis om mee te maken hoe deze ‘oude rotten’ zich voluit in het avontuur storten.